Groot Gezin
Terug naar Ouders Online Maatschappij
Ouders Online
Thema-pagina
ELFAC
Rubriek:   Onderwerp: 

113. De bescherming van het gezin en andere gezinsvormen

Hoe denkt het Europees Parlement over het gezin? Dat kunnen we lezen in de resolutie over de bescherming van het gezin en andere gezinsvormen, opgesteld op 14 december 1994 ter gelegenheid van de afsluiting van het Internationaal jaar van het gezin.

Achtereenvolgens komen de uitgangspunten, dan de overwegingen, en ten slotte de conclusies die men hieruit trekt. De uitgangspunten

De overwegingen

  1. overwegende dat het door de Verenigde Naties en de Europese Unie uitgeroepen Jaar van het gezin ten einde loopt,

  2. overwegende dat overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel in eerste instantie de lid-staten verantwoordelijk zijn voor een doeltreffend gezinsbeleid,

  3. overwegende dat meer dan 50 miljoen EU-burgers onder de armoedegrens leven en dat zij derhalve gemarginaliseerd en buitengesloten worden,

  4. overwegende dat de Unie meer dan 17 miljoen geregistreerde werklozen telt en dat het het aantal daklozen op meer dan 3 miljoen wordt geraamd,

  5. overwegende dat het proces van maatschappelijke uitsluiting steeds verder om zich heen grijpt en dat dit gedeeltelijk voortvloeit uit structurele maatschappelijke veranderingen die geëvalueerd en ten volle erkend dienen te worden,

  6. overwegende dat moeilijke toegang tot de arbeidsmarkt in dit uitsluitingsproces een bijzonder doorslaggevende factor is en dat starre arbeidspatronen en een onbuigzame arbeidsorganisatie met name voor vrouwen de toegang tot de arbeidsmarkt bemoeilijken,

  7. overwegende dat werkloosheid en armoede belangrijke redenen zijn voor verstoorde gezinsrelaties, zoals huiselijk geweld tegen vrouwen en kindermishandeling,

  8. overwegende dat het voor de tenuitvoerlegging van het in het EG-Verdrag gegarandeerde vrije verkeer van personen en de verwezenlijking van de Europese interne markt noodzakelijk is ook op Europees niveau rekening te houden met aspecten van de sociale wetgeving en het gezinsrecht die de vrijheid van vestiging kunnen belemmeren,

  9. overwegende dat de gezinnen en gezinsstructuren in Europa zijn veranderd en dat het samenwonen in de afgelopen jaren is toegenomen, zodat talloze jonge mensen in buitenechtelijke gemeenschap samenleven voordat zij een gezin stichten en vaak ook met kinderen ongetrouwd samenleven,

  10. overwegende dat het in het belang van de staat en de instellingen is het gezin in zijn taken te ondersteunen en een gezinsvriendelijk klimaat te scheppen waarin mensen hun wens met kinderen te leven kunnen verwezenlijken,

  11. overtuigd dat de prestaties van het gezin bij de opvoeding van kinderen en de zorg voor oudere en gehandicapte familieleden immens zijn,

  12. overtuigd dat het gezin door de aanvaarding van de verantwoordelijkheid voor de opvoeding van de kinderen, en de bescherming en geborgenheid die het gezin de betrokkenen met en onder elkaar biedt, wezenlijke taken ter ontlasting van de samenleving op zich neemt en de beste voorwaarden biedt voor het samenleven in de samenleving,

  13. overwegende dat deze discussies in een aantal lid-staten reeds hebben geleid tot veranderingen in het gezinsrecht, de belastingwetgeving, adopties en successierechten,

  14. overwegende dat het Europese Hof voor de rechten van de mens in zijn interpretatie van het recht op een gezinsleven, zoals bedoeld in de Europese overeenkomst betreffende de rechten van de mens, herhaaldelijk heeft geoordeeld dat diverse interpretaties van het gezin mogelijk zijn,
De besluiten

  1. is overtuigd van de noodzaak te voldoen aan de verzoeken om gelijke kansen voor vrouwen in verband met toegang tot de arbeidsmarkt, door te zorgen voor
    1. afdoende kinderopvangfaciliteiten,
    2. verbeterde opleidingsmogelijkheden,
    3. permanente educatie,
    4. opleidingsmogelijkheden gedurende het hele leven
    5. en daadwerkelijke maatschappelijke bescherming,
    zonder uitzondering wezenlijke factoren om de gezinnen naar behoren te laten functioneren;

  2. betreurt dat de richtlijnen inzake deeltijdwerk en ouderschapsverlof niet zijn vastgesteld, daar deze de wezenlijke wetgevende bestanddelen vormen voor betere integratie van werk en gezinsleven;

  3. betreurt voorts dat er geen richtlijn inzake kinderopvang bestaat ter uitvoering van de aanbeveling van de Raad inzake kinderopvang, en dringt erop aan dat een voorstel voor een richtlijn wordt ingediend als deze aanbeveling in 1995 wordt herzien; verzoekt de Commissie rekening te houden met de aanbevelingen die het heeft gedaan in bovenvermelde resolutie van 19 april 1991 over kinderopvang en gelijke kansen;

  4. is van mening dat de beleidsmaatregelen die speciaal gericht zijn op eenoudergezinnen de nadruk dienen te leggen op oplossingen die de ouder die de kinderen verzorgt, vrijstellen van de druk van economische nood; via minimumlonen en sociale-zekerheidsregelingen dient ervoor te worden gezorgd dat het inkomen voldoende is voor de behoeften van het gezin;

  5. is van mening dat een alomvattende aanpak van het gezinsbeleid de toezegging van eerlijke en soepele werkmethoden en -patronen omvat, zonder dat afbreuk wordt gedaan aan arbeidsrechten en -status, waardoor het mogelijk wordt werk en gezinsleven optimaal te combineren;

  6. constateert met instemming dat er een uitwisseling van ervaringen en meningen tussen de lid-staten op gang is gekomen en verwacht dat deze zich ook zal uitstrekken tot specifieke kwesties in het brede spectrum van het gezinsbeleid;

  7. wenst dat constructieve beleidsmaatregelen en initiatieven, waarin rekening wordt gehouden met de behoeften van het gezin, integraal onderdeel van alle communautaire maatregelen uit gaan maken;

  8. wenst dat er in het stelsel van sociale verzekeringen beter rekening wordt gehouden met onbetaalde werkzaamheden van een van de ouders op het gebied van de opvoeding van kinderen of de verzorging van familieleden;
  9. stelt voor dat de Commissie bovendien een actieprogramma uitwerkt met de volgende prioriteiten:
    • voortzetting van het onderzoek op medisch, sociologisch, psychologisch en pedagogisch gebied teneinde regeringen, parlementen en de samenleving meer inzicht te geven in alle aspecten van het hedendaagse gezinsleven;
    • het organiseren van conferenties waaraan de sociale partners en andere betrokken organisaties deelnemen en waar praktijkgerichte initiatieven worden uitgewerkt voor
      • een betere afstemming tussen het economische en sociaal leven enerzijds en het gezinsleven anderzijds
      • en voor een betere verenigbaarheid van gezins- en beroepstaken;

  10. onderstreept de noodzaak het gezinsrecht aan te passen aan de veranderingen die zich op nationaal en Europees niveau in de functie en de structuur van het moderne gezin hebben voorgedaan;

  11. onderstreept andermaal dat het recht op een gezinsleven automatisch het recht op gezinshereniging van migrerende werknemers inhoudt;

  12. verzoekt de Commissie voorstellen in te dienen tot opheffing van de restrictieve bepalingen in de wetgeving betreffende het gemeenschappelijk landbouwbeleid krachtens welke alleen "wettige echtgenotes(n)" in aanmerking worden genomen;

  13. verzoekt de Commissie gelijke aandacht te besteden aan
    • alle duurzame samenlevingsvormen bij de bestrijding van armoede,
    • de ondersteuning van gehandicapten,
    • en maatregelen ten behoeve van de werkgelegenheid en de ontwikkeling van de menselijke hulpbronnen;

  14. verzoekt de Commissie speciale aandacht te schenken aan de belangen van kinderen als de meest kwetsbare gezinsleden, en de tenuitvoerlegging van de VN-Conventie over de rechten van het kind op alle gebieden van haar werkzaamheden te stimuleren en te ondersteunen;

  15. betreurt het dat het vierde armoedebestrijdingsprogramma in de koelkast is gezet;

  16. is van mening dat maatregelen zoals belastingneutraliteit en compenserende sociale-zekerheidsfaciliteiten moeten worden vastgesteld ter ondersteuning van personen die om gezinsredenen kiezen voor algehele of gedeeltelijke onderbreking van hun beroepsleven;

  17. is van mening dat dienstverlening moet worden opgezet en gestimuleerd ter ondersteuning van gezinnen die onder druk staan en om bij te dragen aan een stabiel klimaat voor gezinnen met kinderen en verlangt dat de Commissie maatregelen neemt ten behoeve van gezinnen in moeilijke omstandigheden en gezinnen in een marginale maatschappelijke positie, met name op het gebied van huisvesting opdat eenieder een menswaardig bestaan kan leiden;

  18. verzoekt de Commissie nogmaals bij de Raad een resolutie in te dienen over mobiliteit van loopbanen en gelijke kansen voor mannen en vrouwen;

  19. dringt erop aan dat de richtlijnen inzake ouderschapsverlof en deeltijdwerk, die momenteel in behandeling zijn, worden aangenomen en ten uitvoer gelegd;
  20. verzoekt de Commissie na te gaan of het mogelijk is een EU-dekkende campagne op gang te brengen tegen iedere vorm van huiselijk geweld en kindermishandeling;

  21. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.
 
Niets van deze site mag worden overgenomen zonder onze uitdrukkelijke toestemming. WeCo Web Technology
Voor vragen en opmerkingen kunt u direct contact opnemen met , of via het reactieformulier.