Groot Gezin
De column
ELFAC
Rubriek:   Onderwerp: 

79. Gezinsplanning

(24-07-2003) (Met toestemming van schrijver en redactie overgenomen uit het Nederlands Dagblad)

Gezinsplanning

Paul Simon zingt ergens: When numbers get serious, they leave a mark on your door. Een regel die bij me is blijven hangen, omdat ik van tijd tot tijd zo op mijn eigen manier met getallen worstel. Dit hangt samen met de grootte van ons gezin. Die is helemaal verkeerd. Wij bestaan uit zeven personen. Foute boel.

Ga maar na: nooit is er eens iets dat voor een zevenmansgezin is ontworpen. Tenten, dat wil zeggen heel grote tenten, zijn zespersoons. Het aanbiedingsvlees bij de Aldi komt tot ons in verpakkingen van zes stuks, wat op zondag tot hartverscheurende taferelen leidt. Heb je juist je kip-schnitzel-extra-krokant in je bord liggen, wordt-ie er door je vrouw weer uitgevist omdat er nog een stukje voor Jasper van af moet. Ik houd veel van Jasper, maar ik kan er niet tegen wanneer ik een stukje van mijn kip-schnitzel-extra-krokant aan hem moet afstaan. Ik koop nog liever een heel nieuwe voor hem. (Hetzelfde probleem heb ik met nutsen, haringen en flessen bier: mag ik een slokje pap? Nee, haal maar een nieuwe fles.) Friteuses, dat is ook zoiets. De bedenkers ervan gaan steevast uit van twee- tot vier persoonsgezinnen. En dus werken wij ons elke zaterdagmiddag in het zweet om met behulp van een minuscuul mandje de bodemloze patatwens van ons kroost te stillen.

Ach, werd er maar eens iets voor zeven personen ontworpen, ik zou het meteen kopen, wat het ook was. Auto's zijn ontworpen voor vijf personen, zodat ons gezin oma slechts gefaseerd kan bezoeken en nooit eens als de 'mobiele eenheid' die wij eigenlijk zijn. O ja, er bestaan Space Wagons en MPV's maar daar is mijn portemonnee weer niet op ontworpen, die is ook vijfpersoons.

Heeft u wel eens geprobeerd de afwas van zeven personen in een vaatwasser te persen? Niet doen. Wij hebben zo'n ding dan ook niet. Wij staan in de file voor het broodrooster en moeten knokken voor een plaatsje op het toilet, wat tot heel oneerbiedige momenten leidt. Want juist als wij de maaltijd passend willen afsluiten, roept er een kind: 'eesnaweezee', wat betekent: ik mag zo meteen het eerst naar de wc. Gepaste reacties zijn: 'tweedst!' of 'derdst'. Misschien bezie ik het allemaal te subjectief. Zou best kunnen. Moeizame gevoelens ten aanzien van de gezinsgrootte zijn moeiteloos tot ver in mijn jeugd terug te vinden.

Vroeger bestonden wij uit elf personen en op zekere leeftijd vond ik dat niet leuk. Bijvoorbeeld wanneer wij ter kerke gingen. In onze eigen kerk, in Zuidhorn, ging het nog wel, maar vreemde kerken waren een bezoeking. Terwijl wij, min of meer op lengte het kerkschip doorkruisten, hoorde je links en rechts de gemeente zachtjes meetellen: zeven, acht, negen...

Nimmer zal ik de blik vergeten in de ogen van de niets vermoedende lifter die wij ooit op weg naar West-Terschelling ter hoogte van Nieuw Formerum in ons R-4tje tegenkwamen. De optimistisch omhoogwijzende duim van de jongeman zakte in stomverbaasde slow-motion ter aarde toen hij ons zag passeren. Wij zaten - herstel - bevónden ons (en denk nu niet dat ik overdrijf) met ons achten aan de binnenkant van het voertuig.

Ik schaamde me dood, werd meteen een stukje kleiner, wat me door de andere gezinsleden uiteraard in dank werd afgenomen.

Zoals gezegd bestaan wij tegenwoordig slechts uit zeven personen. Heel iets anders dan elf, zou je zeggen. En toch zijn wij te groot. Wat zijn wij dom geweest. Wij hebben niet goed opgelet. Wij hebben alles verkeerd gepland. Waarom bestaan wij niet gewoon uit drie of vier personen? Dan hadden wij nu ook een Space Wagon en allemaal ons eigen kipkluifje.

Wie een groot gezin heeft, is gek.

Of toch niet?

Adrian Verbree

Herkent u deze problematiek? Vertel ons erover in het thema De ideale gezinsgrootte.

 
Niets van deze site mag worden overgenomen zonder onze uitdrukkelijke toestemming. WeCo Web Technology
Voor vragen en opmerkingen kunt u direct contact opnemen met , of via het reactieformulier.