Groot Gezin
De column
ELFAC
Rubriek:   Onderwerp: 

93. Hoekstenen van formaat

(20-02-2002) (Met toestemming overgenomen uit de Gelderlander)

Nederland telt nog zon 450 gezinnen met tien of meer kinderen

Hoekstenen van formaat
    Het Nederlandse gezin wordt steeds kleiner. Het ouderwets grote gezin is ronduit zeldzaam aan het worden. Tegen de verdrukking van een geïndividualiseerde samenleving in leven zij hun drukke bestaan. Maar je vindt er wel altijd de gezelligheid met een ander. Tenminste, als je dat wil. 'Het blijven individuutjes'.
Twee wasmachines staan elke nacht aan. Twee vaatwassers en twee drogers zijn eveneens bijna voortdurend in gebruik. Twee broodbakmachines leveren de twee broden op die er dagelijks doorheen gaan. Aan boodschappen verdwijnt elke week 500 gulden in de kassa van de Aldi, de C1000 en de slager in Lienden, waar het vlees het goedkoopst is. De kinderen dragen hun steentje aan de huishouding bij op basis van een takenschema. Heb je nummer 1, dan moet je de tafel dekken, de kleintjes in bed leggen en vegen na het eten. Heb je nummer 2, dan moet je de tafel afruimen, drinken inschenken en de afvalbakken leegmaken. Nummer 3 staat voor bloemen gieten, speelgoed opruimen en bedden opmaken. Nummer 4: bijkeuken opruimen. Nummer 5 is de reserve: die doet de karweitjes die overblijven en maakt de wc schoon.

O ja, nummer 4 is ook tweede voorin. Die zit, in het busje waarmee de kinderen 's morgens naar school worden gebracht, naast de eerste voorin. Dat is het kind dat verwendag heeft (gebeurt één keer in de week): dan hoef je niks te doen, mag je naast moeder aan tafel zitten en krijg je het lekkers dat eventueel van de maaltijd overblijft, een restje chocoladevla of zo.

Welkom in het gezin van Rina en Nelewart Noom uit Echteld, elf kinderen sterk. Goed voor wel meer indrukwekkende cijfers: 19 jaar getrouwd, 10 kilo aardappelen per week in de pan, jaarlijks 2000 gulden aan schoolvervoer en een paar duizend gulden aan andere schooluitgaven kwijt. Maar óók 5000 gulden kinderbijslag per kwartaal op de bankrekening. Die zijn hard nodig, want een van de seizoenen afhankelijke akkerbouwer zit het financieel soms mee en soms tegen.

Rina en Nelewart hebben inmiddels ook de nodige expertise opgebouwd op het gebied van rommelmarkten en beurzen of winkels met tweedehands kleding. "Daar zijn heel mooie kleren voor weinig geld te koop", zegt Rina. "Zou ik trouwens ook doen als ik minder kinderen had." De getallen mogen dan uitdrukken aan het hoofd van welk een organisatie grootgezinsmanager Rina staat - zij heeft als moeder de touwtjes in handen -, voor haar en haar echtgenoot is het maar statistiek. "Voor het werk kun je altijd nog iemand nemen, mocht het ooit misgaan. Maar voor de kinderen niet. Elk kind heeft z'n eigen persoonlijkheid en vergt een andere benadering. Het blijven individuutjes. Daar aandacht voor houden, is moeilijker dan al het werk. Dus: als er iemand een probleem heeft, blijft het werk maar even liggen", zegt Rina, die in dit opzicht toch al enig vermogen tot relativeren heeft ontwikkeld. "Het is hier 's morgens spitsuur en dan glipt er toch nog wel eens eentje zonder jas de bus in of met afgetrapte speelschoenen aan. Dat merk je natuurlijk pas als je op school bent. Da's dan jammer."

Het gezin Noom behoort tot een minderheid in Nederland, waar ontkerkelijking, anticonceptie en emancipatie ertoe hebben geleid dat het gezin met twee kinderen tot de gemiddelde norm is uitgegroeid. Een op de vijf gezinnen telt drie of meer kinderen. Slechts een op de vijfduizend gezinnen, zo weet het CBS, telt tien of meer kinderen. Ervan uitgaande dat er 2,4 miljoen gezinnen in ons land zijn, mogen we aannemen dat er in totaal zo'n 450 tien-plusgezinnen moeten zijn. Dat getal zal eerder af- dan toenemen, omdat zelfs in orthodox-protestantse kringen - waar het grote gezin relatief het vaakst voorkomt - het kindertal dalende is.

Rina en Nelewart Noom zijn in Nederlands hervormde gezinnen opgegroeid - Rina overigens met maar één broer, Nelewart met twee zussen. Ze kerken nog steeds, lezen het Reformatorisch Dagblad, sturen de kinderen naar christelijke en reformatorische scholen, stemmen SGP en hebben in de huiskamer een Viscount Domus 8 orgel staan en een bordje aan de muur hangen met de tekst 'Aangaande mij en mijn huis, wij zullen de Heere dienen'. Maar het geloof speelde naar eigen zeggen geen rol in de keuze voor een groot gezin.

"We wilden gewoon graag kinderen", zegt Nelewart. "Had je twintig jaar geleden tegen me gezegd dat het er elf zouden worden, dan had ik je niet geloofd. Een van mijn zussen kon helemaal geen kinderen krijgen. Bij ons is het anders gelopen. Maar we zijn er zelf verantwoordelijk voor. Niet de kerk. Geboortenbeperking? Ja. Anders hadden we er nog meer gehad." Een gevoel van trots en rijkdom maakt zich van hen meester als ze hun kinderschare overzien. Elf stuks en elk kind tóch weer anders. De een rustig, de ander extravert. De een op zichzelf, de ander continu op zoek naar gezelligheid met de anderen. Dát is wat het opvoeden tegelijk tot een lastige, maar ook interessante, uitdagende en verrijkende aangelegenheid maakt.

In die opvatting staan Rina en Nelewart niet alleen. In Groot Gezin, contactblad voor gezinsmanagers, delen ouders van grote gezinnen dergelijke ervaringen. En ze doen dat ook op www.grootgezin.nl, de internetsite die Nell Coumans, moeder van acht kinderen, onderhoudt. Vier jaar geleden begon de Nijmeegse met de website, omdat ze zelf op zoek was naar de herkenning in de verhalen van anderen met grote gezinnen. ,,Die specifieke problemen en probleempjes waar je tegenaan loopt, kun je met de buurvrouw niet bespreken. Want die heeft er maar twee of zo. Rina Noom plaatste om dezelfde reden ooit een advertentie in de krant en kwam op die manier met gelijkgestemden in contact.

Coumans' website is inmiddels tot het druk bezochte virtuele dorpsplein van de grootgezinsmanagers uitgegroeid. Ze helpen elkaar met vervoertips, vertellen elkaar hoe ze de vakantiefoto's kunnen bewaren, wat je kunt doen als de grijze afvalcontainer te klein is of wat de ideale grootgezinswasmachine is, maar ook wat je moet doen als je een kind hebt dat voortdurend aandacht vraagt of hoe je kunt regelen dat het rustig genoeg is voor de kinderen die huiswerk moeten maken.

Niet in de laatste plaats steken ze elkaar een hart onder de riem. Want het steekt hen dat ze in het geïndividualiseerde Nederland soms worden gezien als werkweigerachtige, ongeëmancipeerde vrouwen die hun bijdrage op de arbeidsmarkt niet leveren en niet in hun economische zelfstandigheid voorzien. Die het wagen een mega-gezin te stichten in een dichtbevolkt land waarin het milieu zo nog eens extra wordt belast. "Zo'n staatssecretaris Verstand, die zegt dat vrouwen die niet werken dom zijn, dat kan toch niet?", zegt Coumans verontwaardigd. "Ik héb werk, als grootgezinsmanager. Ik werk aan de generatie van de toekomst. Dat is mijn keus. Ik heb een onderwijsbevoegdheid voor de middelbare school en zou best wel voor de klas willen staan. Alleen, dat zit er nu even niet in."

Ook op straat zijn de reacties soms bedenkelijk. Nell Coumans kreeg ooit van een mevrouw het advies eens met de dokter over anticonceptie te gaan praten, toen ze bij de Hema met zes kinderen aan de koffie zat. "Waar haalt zo'n mens het lef vandaan om zoiets te zeggen?" Rina Noom - die haar onderwijsambities eveneens in de ijskast heeft gezet totdat het gezin de ruimte biedt om die te verwezenlijken - kreeg (on)verhulde kritiek waaruit de boodschap sprak dat zo'n groot gezin toch eígenlijk wel een beetje achterlijk is. Dat vond ze toen 'heel erg naar'.

Dochter Corrie (15) heeft een woord als 'kinderfokkerij' weleens gehoord in verband met het gezin waarvan ze deel uitmaakt. "Vind ik niet boeiend", zegt ze. Zij zou er niet aan moeten denken in een klein gezin te leven. Dat lijkt haar een stuk minder gezellig.

Aan de andere kant, elf kinderen vindt ze wel veel. "Aandacht kom je niet tekort. Als ik met iets zit, kan ik 's avonds naar mijn moeder toe als ze de was aan het strijken is. En je hebt natuurlijk ook je broers en zussen. Maar je hebt nooit rust in huis."

Juist om rust en ruimte voor haarzelf te hebben, zou Corrie het bij vijf à zeven kinderen houden, als ze later zelf moeder mocht worden. "Mijn moeder maakt overal tijd voor: voor ons, voor vrijwilligerswerk, voor de kerk. Maar voor contact met vriendinnen heeft ze amper tijd. Dat zou ik wel willen. Je mag ook best aan jezelf denken. Ofschoon ik er bij moet zeggen dat moeder wel heel erg van ons allemaal geniet." Zoon Kees (18) heeft de ruimte inmiddels gevonden. Met broer Ab (17) bewoont hij sinds een jaar het woninkje dat elders op het erf werd opgetrokken toen in de oorlog de boerderij plat was gebombardeerd. Vader heeft het opgeknapt, zij moeten het zelf schoonhouden en opruimen. "Zo leren ze zelfstandig te worden." Ze eten er, ze slapen er en ze kunnen er hun eigen dingen doen, zoals internetten en tv kijken. Dat moeten ze wel zelf betalen, want vader is het er eigenlijk niet mee eens; op de boerderij wordt ook niet naar de treurbuis gekeken. "Als je klein bent, is het onze verantwoordelijkheid, als je groot bent, is het je eigen verantwoordelijkheid", verklaart vader Nelewart deze interpretatie van de huiselijke regels.

Dat Kees verkering heeft met Anoek uit Houten, een niet-christelijk meisje dat 'ie via de chatbox op het internet heeft ontmoet, vindt pa wel jammer. Liever zag hij zijn zoon omgaan met een meisje dat tot dezelfde kudde behoort. Zoals Corrie, die het met de reformatorische Bernhard uit Spakenburg heeft aangelegd. "Maar ook dat is zijn keus. Kees moet ook zelf stemmen. De laatste keer heeft 'ie voor de SGP gekozen. Dát snappen we dan weer niet." Kees wil gewoon zijn eigen afwegingen maken. Na 4 vwo ging hij van de Amersfoortse school. "Zo christelijk, zo kleinzerig, zoveel regeltjes. Ik dacht: ik ben oud genoeg om op mezelf te passen." Nu werkt hij doordeweeks in de landbouwmechanisatie. Het weekeinde is er tijd voor z'n vriendin en gaat 'ie uit, naar de disco, de bios of het café in Tiel, of een danceparty. En heel af en toe nog 's zondags naar de kerk, "eigenlijk om mijn ouders een plezier te doen". Zijn toekomst is er een waar in elk geval geen ruimte is voor een groot gezin. "Drie of vier kinderen is genoeg voor mij. Ik ben de oudste. Op een gegeven moment is het niet leuk meer als er weer een bij komt." Maar hij respecteert de keus van zijn ouders en de manier waarop ze hun verantwoordelijkheid als opvoeders nemen.

"Mijn ouders zijn gaandeweg met de kinderen mee gegroeid. Iedereen krijgt meer vrijheid. Dat was vroeger minder. Iets verbieden zonder reden, daar ben ik al helemaal het type niet voor. Maar ze zijn bijgedraaid. Mijn ouders hebben het vanuit hun oogpunt goed gedaan."

John Bruinsma

 
Niets van deze site mag worden overgenomen zonder onze uitdrukkelijke toestemming. WeCo Web Technology
Voor vragen en opmerkingen kunt u direct contact opnemen met , of via het reactieformulier.